In Texas zijn liberalen en conservatieven het zelden met elkaar eens. Over één punt wel: camera’s mogen hun auto niet volgen. De kentekencamera’s van Flock Safety staan inmiddels in heel Amerika langs snelwegen en in woonwijken. Kleine zwarte kastjes op hoge palen registreren elk voertuig dat passeert. De politie omarmt de techniek, maar veel burgers komen in verzet. Steden zeggen hun contracten op en rechters buigen zich over de eerste rechtszaken. Flock groeide in enkele jaren uit tot de grootste particuliere volgdienst voor auto’s van het land.
De camera’s werken met kunstmatige intelligentie. Ze lezen het kenteken, maar leggen ook merk, model, kleur en zelfs stickers op de bumper vast. Al die gegevens komen samen in één landelijke database. Politiediensten met een Flock-contract doorzoeken die database met een paar toetsaanslagen. Een rechterlijk bevel hebben ze daarvoor meestal niet nodig. Sommige korpsen zoeken tegelijk in netwerken van meer dan zevenduizend camera’s. Zo ontstaat een gedetailleerd beeld van iemands dagelijkse bewegingen: welke route, welk tijdstip, welk adres. De beelden verdwijnen doorgaans na dertig dagen, al bepaalt elk korps dat zelf. De kastjes draaien op zonne-energie en staan binnen een uur langs de weg. Landelijk gebruiken ongeveer vijfduizend politiediensten het systeem, dat meer dan honderdduizend camera’s telt. Gemeenten huren de apparaten per stuk, vaak voor enkele duizenden dollars per jaar.
Texas laat zien hoe hard die groei gaat. In de staat hangen naar schatting meer dan tienduizend Flock-camera’s. Het Texas Department of Public Safety tekende vorig jaar een contract van 26 miljoen dollar. Daarmee bewaakt de staatspolitie snelwegen en ondersteunt zij Operation Lone Star, het miljardenprogramma tegen illegale migratie. Het aantal lokale diensten dat gegevens met de staatspolitie deelt, steeg in een half jaar van 122 naar 206. Ook kleine gemeenten doen mee, omdat staatssubsidies het grootste deel van de rekening betalen. Het stadje Hewitt houdt daardoor 21 camera’s draaiende voor nog geen tienduizend dollar per jaar. Langs afgelegen landweggetjes hangen inmiddels net zo goed palen als in de grote steden.
Agenten wijzen graag op de resultaten. Ze vinden gestolen auto’s terug, sporen overvallers op en zoeken naar vermiste kinderen. Een zoektocht die vroeger dagen kostte, levert nu binnen een minuut een treffer op. Bij een amberalarm scant het netwerk binnen enkele minuten hele regio’s, zeggen korpsleiders. Kleine korpsen krijgen zo opsporingsmacht die vroeger alleen grote steden hadden. Juist die snelheid maakt het systeem populair bij burgemeesters en gemeenteraden. Tegenstanders erkennen dat nut, maar wijzen op de keerzijde. De camera’s kijken namelijk niet alleen naar verdachten. Ze leggen de verplaatsingen van iedereen vast, ook van mensen die niets verkeerd deden. Wie elke week naar een kerk, een kliniek of een advocaat rijdt, laat dat spoor achter.
Die zorg blijft niet theoretisch. In Baytown nam een agent ontslag na een onderzoek naar misbruik van het systeem. Texas meldde in juli twee stalkingzaken, waaronder een agent die een vrouwelijke collega volgde. In Georgia kregen meer dan twintig agenten een straf of een aanklacht. Het Institute for Justice telde 27 gevallen waarin de politie onschuldige mensen na een verkeerde treffer aanhield. Die zaken speelden in negen staten. Automobilisten stonden soms onder schot omdat software een kenteken verkeerd las. De omvang van het misbruik blijft onduidelijk, want veel korpsen controleren zoekopdrachten nauwelijks. Zulke verhalen stapelen zich al jaren op en voeden het wantrouwen.
Het grootste conflict draait om federale toegang tot de gegevens. Lokale zoekopdrachten belandden bij immigratiedienst ICE en andere federale diensten, zonder toestemming van de betrokken steden. In San Francisco loopt sinds februari een collectieve rechtszaak. Volgens de aanklacht bevroegen federale en buitenstatelijke diensten de camera’s van de stad ruim 1,6 miljoen keer in zeven maanden. De eisers vragen 2.500 dollar per overtreding, waardoor de claim in de miljarden kan lopen. Een audit in Illinois legde bovendien een geheim proefproject met de grensbewaking bloot. Steden ontdekten zo dat zij de controle over hun eigen camera’s kwijt waren. Flock belooft strengere controles en meer inzicht in wie zoekopdrachten uitvoert.
Het verzet groeit daardoor snel. Dit jaar besloten al 54 steden in 23 staten hun contract op te zeggen of niet te verlengen. Californië en Wisconsin lopen voorop, maar ook Austin en Bandera stopten ermee. Voorsteden van Detroit haalden hun camera’s weg, net als Evanston bij Chicago. Afgevaardigde Keith Self, een Republikein uit McKinney, diende vorige maand een wetsvoorstel in. Federale diensten hebben dan een rechterlijk bevel nodig voordat zij Flock-gegevens mogen inzien. Hij wijst op het grondwettelijke recht van Amerikanen op bescherming van hun persoon, huis en bezittingen. Voorstanders waarschuwen intussen dat criminelen profiteren als de camera’s verdwijnen. Andere gemeenteraden stemmen de komende maanden over verlenging. Het debat volgt geen partijlijnen: in Texas vinden links en rechts elkaar juist op dit punt.