OpenAI stopte vorige week plotseling met Sora, zijn AI-videotool. Sora was pas zes maanden beschikbaar voor het publiek. De plotselinge sluiting wekte meteen argwaan. Gebruikten ze het als excuus om gezichtsdata te verzamelen? Volgens een onderzoek van The Wall Street Journal is de waarheid veel saaier.
Sora was simpelweg een financieel drama. Na een indrukwekkende lancering groeide het gebruikersaantal naar ongeveer één miljoen. Daarna zakte het snel naar minder dan 500.000 gebruikers. Ondertussen kostte de app elke dag ongeveer één miljoen dollar. Niet omdat mensen het massaal gebruikten, maar omdat het genereren van video enorm veel rekenkracht vraagt. Elke gebruiker die een scène maakte, verbruikte kostbare AI-chips.
Terwijl OpenAI worstelde met Sora, won concurrent Anthropic terrein. Claude Code trok steeds meer softwareontwikkelaars en bedrijven aan. Die groep is cruciaal voor de inkomsten van AI-bedrijven. CEO Sam Altman nam daarom een harde beslissing: stop Sora, bespaar rekenkracht en focus opnieuw op wat wél werkt. De sluiting was zo abrupt dat zelfs Disney, dat één miljard dollar had toegezegd voor een samenwerking, minder dan een uur van tevoren werd ingelicht. De deal ging samen met Sora ten onder.